






























De tekst ging over het zwaaien naar de menigte, zogauw men ziet dat hij/zij op het beeldscherm te zien is. Waar komt dit gedrag vandaan? Dat is de vraag. Ik denk zelf dat het oversprong gedrag is, men weet even niet wat te doen, is geschrokken en schaamt zich. Daarom doet hij vervolgens wat iedereen altijd al deed, zwaaien. Dit is veilig gedrag. Men wil immers normaal worden gevonden, en daarom doen zij wat men voor hen ook deed.
Ik heb illustraties uitgekozen, die ik toepasselijk vond voor de tekst. Ik heb dus eerst over de tekst inhoud nagedacht. Gedrag, beweging, bekeken worden, angst, aandacht, afvraging. Dit kwam in mij op. Hiermee heb ik illustraties bewerkt. Ik heb een gedichtje gemaakt naar aanleiding van de tekst. De woorden heb ik letterlijk overgenomen, maar zo beschreven, dat de betekenis verandert. Namelijk dat deze persoon blij is bekenen te worden en zich niet schaamt. Vrijheid en beweging. Expres zwaaien naar de menigte, blij zijn te bestaan.
Daarna verschillende dingen uitgeprobeerd, geinspireerd door de woorden die in mij opkwamen bij de tekst. Tijdens het uitproberen ben ik (onbewust) steeds gaan concentreren op de vormgeving en wat illustraties met elkaar doen, inplaats van op de gedachte erachter.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten